Iedereen heeft weleens last van werkstress. Een beetje stress op het werk is normaal, en sommige mensen presteren er zelfs beter door. Maar langdurige werkstress is niet gezond. Op den duur kan het leiden tot mentale en lichamelijke klachten, minder productiviteit en erger nog: een burn-out. Dat komt vaker voor dan je denkt. In 2025 had 21% van de werknemers in Nederland burn-outklachten. Tien jaar eerder was dat nog 13%. Arboportaal

Veel mensen zijn bang om als zwak gezien te worden. Daardoor geven ze hun grenzen niet aan, en daar worden ze zelf de dupe van. Voor hen deze vier tips om werkstress te verminderen.

1. Stel realistische doelen

Krijg je van je leidinggevende een nieuwe opdracht of een nieuw project? Stel dan samen realistische doelen, en neem daarbij je andere taken mee. Als je leidinggevende niet weet wat je allemaal op je bord hebt, kan hij of zij teleurgesteld raken, terwijl dat makkelijk te voorkomen was. Maak dus samen een logische planning, met deadlines waar nodig, zodat jullie niet voor verrassingen komen te staan.

2. Baken je werk duidelijk af

Bij een nieuw project of een nieuwe opdracht krijg je vaak veel informatie tegelijk. Om zo effectief mogelijk te werken, moet je weten wat er van je verwacht wordt, in tijd en in prioriteit. Dat kun je met twee eenvoudige stappen helder krijgen:

  • Vraag je leidinggevende hoe belangrijk de opdracht is. Aan de hand van het antwoord bepaal je de prioriteit ten opzichte van je andere taken, en stem je je agenda daarop af.
  • Vraag wanneer het af moet zijn, wat de gevolgen zijn als het dan nog niet af is, en of de deadline verschoven kan worden.

Zo weet je waar je aan toe bent, kun je je tijd goed indelen en verminder je je werkstress aanzienlijk.

3. Leer vaker nee zeggen

Misschien herken je het: die collega die werk steeds bij jou of anderen neerlegt. Veel mensen durven geen nee te zeggen, omdat ze bang zijn om niet aardig gevonden te worden. Maar als je van iedereen werk aanneemt, gaan mensen daarop rekenen, en dan lijdt je eigen werk eronder. Leer dus vaker nee zeggen. Dat betekent niet dat je overal nee op zegt, want een beetje collegialiteit is ook prima. Zeg niet meteen nee, maar zet bijvoorbeeld eerst de stappen uit de vorige tip. Geef altijd een reden waarom je het werk op dat moment niet kunt aannemen. Met een goede reden zal je collega dat meestal begrijpen.

4. Delegeer

Ben je leidinggevende of werken er mensen voor je? Maak daar dan gebruik van. Voor sommigen is delegeren lastig, maar hoe meer taken je kunt delegeren, hoe minder werkdruk en stress je zelf ervaart.

Werk je zelf voor een leidinggevende, dan kun je altijd vragen of taken met minder prioriteit bij iemand anders kunnen worden neergelegd. Zo kun je je richten op de belangrijke taken en die zo goed mogelijk doen. Goed delegeren kan zelfs de productiviteit van het hele team verhogen.

Ga ermee aan de slag

Heb je het gevoel dat de werkstress je te veel wordt? Een andere houding, je grenzen aangeven en goed communiceren met je leidinggevende en collega's zijn een goed begin. Zodra de stress afneemt, merk je dat je je beter voelt en effectiever werkt. Ook buiten je werk kun je je dan beter richten op de dingen die er echt toe doen. Blijven de klachten aanhouden, praat er dan over met je leidinggevende, de bedrijfsarts of je huisarts. Succes!

Lees ook last van werkstress? Word minimalist en meer bevlogenheid door minder werkstress.